Een blog schrijven vanuit Evernote

Hoe kun je een blog schrijven en automatisch versturen vanuit Evernote…

Een blog schrijven vanuit Evernote

Al heel wat jaren gebruik ik Evernote als digitaal archief. Je kunt er makkelijk allerlei verschillende documenten in opslaan en terug vinden. Het werkt op alle verschillende platformen van Android, WIndows, mobiel als ook op het web. Daarnaast zijn er ook toepassingen die Evernote aanpassen aan de GTD workflow of als blogging instrument. Het is een van de weinige cloud applicaties waar ik de betaalde Premium versie van genomen heb. En van die investering heb ik nog nooit ook maar een seconde spijt gehad. Je krijgt meer opslag capaciteit, meer dataverkeer in de maand, geen reclames meer en je hebt toegang tot support desk voor je vragen.

Ik ben dan ook steeds aan het zoeken naar nieuwe manieren om Evernote te gebruiken. Een mooi overzicht van alle nieuwe functies in versie 5 vind je hier in de blog van Jason Frasca. Of een handig overzicht van alle keyboard shortcuts in Evernote. Jason heeft een hele categorie van functionaliteiten uit Evernote op zijn blog staan. Een handige verzameling van weetjes.

Nu schrijf ik dit blog als een notitie in Evernote en door dit bericht zodadelijk te mailen naar het speciale adres op mijn wordpress site wordt het als blog gepubliceerd. Als alles goed werkt ook als G+ post automatisch. Kan haast niet wachten om te zien of het werkt zoals ik bedacht had.

Verstuurd vanuit Evernote

Connected to Google+

Google PlusVanmorgen even verder gekeken naar de instellingen bij WordPress. Daar zit ook een mogelijkheid bij om je posts te delen met het Google+ platform. Daarom maar even dit bericht om te zien hoe dat er uit gaat zien.

Service Design eigenschap 2; Het is in co-creatie

De tweede eigenschap of principe dat in Service Design geldt is het principe van co-creatie. Door de klant centraal te stellen in het ontwerp proces van services ga je van de mogelijkheid uit dat er meer dan een groep van klanten is en dat iedere groep mogelijk zijn eigen wensen, eisen en verwachtingen heeft. 

Daarnaast moet je rekening houden met de verschillende stakeholders.
In het ontdekken van wat de service propositie precies is moet je de klant betrekken, maar ook de andere stakeholders. Het gaat niet alleen om het verkennen maar ook om het definiëren van de service propositie.

Nu we besloten hebben om gebruik te maken van een gemeenschappelijke taal van onze klanten, moeten we ook iets verzinnen hoe we de service kunnen ontwerpen of verbeteren met alle betrokkenen. We zullen creatief moeten zijn. Daarbij is het van belang de ideeën die iedereen heeft te laten vloeien uit iemand’s hoofd en uit te durven spreken.

Daarvoor is het nodig dat er een omgeving gecreëerd wordt waarbij dat ook mogelijk wordt. Bij het REshape center zie je dat het bestaande gebouw (een oud OK complex) met simpele middelen geschikt gemaakt is om in grotere of kleinere groepen te werken aan de verschillende ideeën of de uitwerking daarvan. Er zijn ruimtes waar gepresenteerd kan worden. Er is een ruimte waar in alle rust gepraat kan worden in een luie stoel.
TISDT omschrijft het als volgt; “Service Designers creëren bewust een omgeving die faciliteert in het genereren en evalueren van ideeën binnen een heterogene stakeholder groep.” Er is een grote varieteit aan methoden en tooling die dat mogelijk maakt. Het daadwerkelijk inzichtelijk maken vanuit verschillende gebruikersperspectieven. Daarvan gebruik maken bij het creëren van services en het ontwikkelen, prototypen en testen van deze service concepten is co-creatief. Het faciliteren daarvan in de verschillende groepen belanghebbenden is een wezenlijk onderdeel van Design Denken en fundamenteel in Service Ontwerp.
Klanten krijgen in dat co-creatie proces de kans om waarde toe te voegen aan de service. Dit gebeurt in partnership met de leverancier van die service. Hoe eerder dit gebeurt in het proces hoe groter de kans dat de uiteindelijke uitkomst voldoet aan de verwachting van de uiteindelijke afnemer. Dat heeft weer tot gevolg dat het waarschijnlijker wordt dat deze klant loyaal blijft en kiest voor een lange termijn verhouding.

Kleine aanpassingen

Zojuist nog eens even kritisch naar de verschillende omschrijvingen op mijn blog gekeken en hier en daar een kleine aanpassing gedaan.
Kleine aanpassingen met soms grote gevolgen. Gisteren zat ik bijvoorbeeld te werken aan een presentatie die ik volgende week moet houden voor een grote groep mensen. Iets dat ik niet elke dag doe en wat dus een beetje buiten mijn comfort zone ligt.
Uiteindelijk kreeg ik door een vraag te durven stellen meer input dan me lief was en ging ik in een paar zinnen heel anders tegen mijn onderwerp aankijken en veranderingen aanbrengen. Vervolgens mijn hele presentatie omgegooid naar een verhaal dat meer op beelden dan op tekst gestoeld is.
#durftevragen……
Dank je wel , Sander Datema

Service Design; het volgende hoofdstuk

Na vorige week begonnen te zijn aan wat lijkt een serie te worden over Service Design is het zaak nu verder door te pakken en het volgende hoofdstuk toe te voegen.
In mijn vorige post haalde ik vijf principes aan van Service Design. Het gaat om de volgende eigenschappen;

1. Gebruiker georiënteerd
Services moeten ervaren worden door de ogen van de klant ( of de patiënt in mijn organisatie)
2. Co-creatief
Alle belanghebbenden moeten in het service design proces betrokken worden.
3. Sequentieel
De service moet gevisualiseerd worden als een aaneenschakeling van aan elkaar gerelateerde acties.
4. Bewijsvoering
Niet tastbare services zullen gevisualiseerd moeten worden in termen van fysieke artefacten.
5. Holistisch
De gehele omgeving van de service zal in ogenschouw genomen moeten worden.

Laten we eens inzoomen op de eerste eigenschap van SDT. Services moeten gebruiker georiënteerd zijn. Waarom is dat belangrijk? Services worden gecreëerd door de maker en de gebruiker. Op dat moment dan en daar wordt het product gemaakt en dient het ook geconsumeerd te worden door de gebruiker. Je kan een service namelijk niet bewaren. De service is extreem aan bederf onderhevig. Je kan het eigenlijk maar een keer goed doen. Daarna is de kans weg. Dat gegeven heeft zo zijn impact.
In het boek TISDT wordt het op pagina 36 mooi omschreven; 
Het is het inherente intentie van een service of aan de klant wens tegemoet te komen en als resultaat daarvan vaak gebruikt te worden en van harte aanbevolen. Dat is vaak niet het geval.

Hoe moet het dan wel kun je je afvragen?


Uitgangspunt is voorbij te komen aan de pure statistiek van de gebruiker. Statistische beschrijvingen van klanten zijn belangrijk, maar echt begrip van gewoontes, cultuur en motivatie van gebruikers is belangrijk. De klant moet in het centrum van het service ontwerp proces staan. Omdat mogelijk te maken moet de ontwerper methoden en technieken gebruiken die hem in staat stellen meer in de gebruiker z’n huid te kruipen. Door de verschillende behoeften en gedachten van de klant is begrip en ontleding daarvan het startpunt van Service Design Thinking. 
Voorname voorwaarde daarbij is dat er eenzelfde taal gesproken kan worden door de verschillende deelnemers die immers allemaal hun individuele achtergrond en ervaringen met zich meebrengen. 
Doordat iedereen vanuit een gebruikers georiënteerd standpunt praat is een gezamenlijke taal onder handbereik; de taal van de gebruiker van de service.



5 eigenschappen van Service Design

In het eerste deel van het boek This Is Service Design Thinking gaat het over een aantal eigenschappen van SDT. Aangezien het boek in het engels geschreven is maak ik meteen maar van de gelegenheid gebruikt enige Engelse termen om te zetten naar het Nederlands. (Daar waar het past en niet al te gekke vertalingen oplevert natuurlijk.)

Service Design Denken heeft 5 principes.

1. Gebruiker georiënteerd
Services moeten ervaren worden door de ogen van de klant ( of de patiënt in mijn organisatie)
2. Co-creatief
Alle belanghebbenden moeten in het service design proces betrokken worden.
3. Sequentieel
De service moet gevisualiseerd worden als een aaneenschakeling van aan elkaar gerelateerde acties.
4. Bewijsvoering
Niet tastbare services zullen gevisualiseerd moeten worden in termen van fysieke artefacten.
5. Holistisch
De gehele omgeving van de service zal in ogenschouw genomen moeten worden.

Er is in het boek de aanname dat er geen geaccepteerde definitie is van Service Design. Daarom geeft men de kaders van de manier van denken die nodig is om de services te ontwerpen.

In een poging enige kadering aan te geven worden een aantal definities gebruikt om aan te geven dat het bij Service Design gaat om interdisciplinaire aanpak. Omdat deze aanpak verschillende methoden en tooling van verschillende disciplines combineert is het een nieuwe manier van denken ten opzichte van op zich staande academische discipline.

Dat maakt het wellicht wel flexibeler in zijn toepassing maar ik ben toch ook van mening dat er voor bepaalde problemen ook een keuze gemaakt moet worden in de oplossingsrichting. Het mooie van Service Design is daarmee misschien wel dat er meerdere mogelijkheden zijn om uit te kiezen en dat je in die zin meer gebruik kan maken van de specifieke omstandigheden. Dat betekent dat je een hele ‘bag of tricks’ tot je beschikking kan hebben waar je steeds uit put om een keuze te maken in de manier waarop je het probleem oplost.

Uit een college van Verandermanagement kan ik me de ‘bijbel’ van de Veranderkundige herinneren; “Leren Veranderen’ van de Caluwé en Vermaak. Is daar de premisse ook niet dat je om een goede veranderkundige te zijn met 100 brillen naar een probleem moet kunnen kijken alvorens je een keuze maakt van de manier waarop je het probleem aan gaat pakken. Daarmee komt alles in feite op het zelfde neer.
Het maakt namelijk volgens mij niet zoveel uit welke manier je gebruikt om het probleem aan te pakken….als je er maar voor kiest het probleem aan te willen pakken. Daarmee is de eerste stap gezet en de rest kan daarna volgen.
Het mooie van veranderen is dat het nooit ophoudt en dat je altijd kan kiezen om de beste oplossingsmethode te gebruiken. Het probleem zit hem volgens mij erin dat je consequent de gekozen richting moet kunnen volhouden.

Heb jij ook meegemaakt dat er keuzes gemaakt leken te worden en zaken daarna toch een andere wending nemen? Is dat dan omdat men de oplossingsrichting niet vasthoudt of omdat het probleem al zolang speelt dat het door de werkelijkheid wordt ingehaald? Benieuwd naar je ervaringen en mening.

Service Design

Om een aantal zaken op een rijtje te zetten ben ik weer eens gaan lezen in het boek over Service Design uit 2010 alweer. Destijds had ik regelmatig contact met Arne van Oosterom die vanuit SDT ook keek naar de mogelijkheden van Service Design in de zorg. Voorbeelden daarvan legde hij vast op de website www.caretodesign.com

Nu ik het boek weer ter hand neem wil ik al lezend verschillende inzichten hier gaan delen. Ter discussie maar ook om voor mijzelf een aantal principes opnieuw te verwoorden en onder de aandacht te brengen. Ik denk dat ik daar zelf iets aan heb in mijn werk, maar dat het ook kan helpen in het team waarvan ik onderdeel uitmaak.
Wanneer je tien mensen zou vragen wat service design is, krijg je elf antwoorden terug op zijn minst.

Binnen mijn huidige project aan het Radboud REshape Innovation center zijn we met het team veel bezig om nieuwe functionaliteiten uit te proberen. Daarbij komt vaak kijken hoe we zaken in processen en procedures willen laten volgen.
Het maakt het allemaal niet makkelijker om een manier te vinden waarop we als groep over het zelfde onderwerp in dezelfde taal kunnen communiceren. Wanneer we in eerste instantie kunnen werken vanuit een gemeenschappelijke taal zal dat de communicatie ten goede komen. Klinkt logisch natuurlijk.Wat ik wil doen is de theorie van het boek in kleinere stukken hier op het blog plaatsen. Dat schept de mogelijkheid voor mij erover na te denken en voor de anderen van het team om erop te reageren.
Ik ben heel benieuwd hoe dat gaat lopen.
Het wordt dus een soort blog experiment.
Sent from Evernote

Flexibilisering van arbeid…of bedoel ik toch iets anders?

Flexibiliteit

Op maandag werk ik op twee verschillende locaties. Als eerste begin ik ‘s morgens op de Sint Maartenskliniek. ‘s Middags werk ik op het REshape center van Radboud UMC. Een combinatie die ik al langere tijd voor ogen had als ideaal, qua afwisseling in omgeving, taken, collega’s. En hoewel ik dacht dat jaren Getting Things Done, Het Nieuwe Werken, en andere manieren van Time Management mij wel klaargestoomd hadden voor een dergelijke combi, merk ik, dat, ook voor mij, hier en daar wat inventiviteit gevraagd wordt. Ik merk dat ik sinds deze constructie wel steeds meer in staat ben los te laten waar ik werk en de verschillende activiteiten los kan zien van de plaats waar ik op dat moment ben. Privé en zakelijk lopen nog meer in elkaar over en de twee verschillende werkkringen hebben een positieve invloed op elkaar.
Bijvoorbeeld had ik vanmorgen helemaal geen afspraken op de Maartenskliniek, maar moest ik wel een email schrijven waar ik mijn aandacht bij moest houden. Ik zou kunnen zeggen; misschien beter om thuis te werken en daar het schrijven in volle rust en aandacht te voltooien. Toch was het op de plek zijn voordelig om de mail te kunnen schrijven. Een aantal collega’s waren in huis en de inhoud van de mail kon hier en daar nog aangepast worden door snelle collegiale toetsing. Flexibiliteit nodig nul, resultaat goed.
‘s Middags moest ik aanwezig zijn op Radboud. Door de weeralarm fase heen op de fiets was ik te laat voor een afspraak om te praten over de volgende fase van een project. Buiten adem en met een broodje in de hand stormde (sorry…) ik de vergaderruimte binnen. Mijn vraag of ik nog een bijdrage kon leveren werd ontkennend beantwoord. De meeting was al bijna afgerond. Flexibiliteit nodig? Ja, vooral van het team dat er al zat. En van mij om de extra tijd anders in te kunnen zetten. Resultaat okee. Daarna volgden de ontwikkelingen elkaar snel op, want in het open kantoorpand was er op dat moment even een probleem met netwerkcapaciteit. Ik probeerde op drie verschillende machines in te loggen en toen dat zonder resultaat bleef, bedacht ik me dat er dan maar een oplossing overbleef en dat was zo snel mogelijk vanuit huis gaan werken. Flexibiliteit nodig? Jazeker, want ik had me ingesteld op die locatie en een aantal specifieke zaken om te regelen.
Door snel te af te stemmen met een aantal collega’s was dat verder geen probleem, waarna ik eenmaal thuis via een andere route ingelogd geen connectivity probleem meer had en mijn werk deed vanaf de plek en op een tijdstip dat ik ‘s morgens bij vertrek nog niet had kunnen bedenken.
Is zo’n dag dan toch produktief? Ja, dat vind ik wel. Mijn werkzaamheden worden via een andere route toch volbracht, met andere middelen en op een andere manier, maar het resultaat is in wezen hetzelfde als hetgeen ik gisteren of daarvoor voor ogen had. De manier waarop vraagt flexibiliteit van mij en mijn omgeving, maar wanneer daar duidelijk afspraken over te maken zijn en de techniek het toelaat is het resultaat hetzelfde of misschien wel beter.
Ik vind het interessant om te ervaren dat die mogelijkheden er zijn en dat de beperkingen eigenlijk alleen in je eigen hoofd zitten.

Hack je ochtendroutine #GTD @myen

“The rythm of the day starts in de morning”, is een zin uit een liedje die ik regelmatig als wekker gebruik. Een goede start ‘s ochtends betekent over het algemeen een meer productieve dag, maar hoe start je je ochtend goed?

 

1. Sta vroeg op

Joel Gascoigne, mede-oprichter van Buffer, tipt om vroeg op te staan. Op die manier heb je controle over je leven, doordat je een bewuste keuze maakt, in plaats van aan het lot over te laten wanneer je wakker wordt. Bovendien kun je in de rustige uren voordat de rest van je omgeving wakker is al aan een belangrijke taak werken, waardoor je dag hoe dan ook productief is geweest. De meest succesvolle mensen staan vroeg op, zo ondervond Gascoigne, sommigen al om 4.30 in de ochtend.

Zelf staat hij om tien voor zes op, trekt zijn sportkleding aan, werkt een uur aan een belangrijke taak en een half uur aan kleinere belangrijke taken en gaat dan naar de sportschool. Daarna gaat hij thuis dertig minuten lang mail beantwoorden en de rest van de dag op locatie verder werken.
Ik had overigens mijn bedenkingen over zijn ritueel toen ik las dat hij voor het sporten een Red Bull dronk. Na de vele reacties op zijn blog waarin de lezers hem aanspraken op zijn slechte gewoonte, laat hij deze nu achterwege en daarmee is zijn routine een stuk gezonder geworden.

Hoe laat je ook opstaat: drink een glas koud water zodra je wakker wordt. Je hebt in je slaap veel vocht verloren en je lichaam heeft een re-fill nodig.

Nog meer ochtendroutine-tips vind je in dit eerder verschenen artikel van Michael Kramer.

2. Zorg voor een goede avondroutine

Kruip je meteen vanaf je bureaustoel via de wastafel je bed in? Waarschijnlijk duurt het dan heel erg lang voordat je in slaap valt. Je hoofd is nog veel te veel bezig met het verwerken van alle informatie en indrukken en staat nog in de derde versnelling. Je hebt geen rem, dus je moet even ‘uitrollen’ en daarvoor heb je tijd nodig. Bepaal hoeveel slaap je nodig hebt, hoe laat je op wilt staan en daarmee dus hoe laat je wilt slapen. Hou voor het slapen gaan een ritueel waardoor je tot rust komt. Voor Gascoigne is dat een wandeling van een half uur, voor mij is het rustgevende muziek luisteren met weinig licht aan, en daarna een warme douche en een typische vrouwenhobby: smeren met bodybutter.
Genoeg beweging op een dag is ook belangrijk om goed in slaap te komen, zodat je zowel fysiek als mentaal moe genoeg bent om te gaan slapen.
Door zo’n ritueel zul je merken dat je in de ochtend veel uitgeruster bent.

3. Wijk in de weekenden niet teveel af van je routine

Wijk je in het weekend ver af van je routine, dan is het moeilijk om het meteen op maandag weer op te pakken. Wijk er dus niet teveel van af, zo luidt het advies van Gascoigne, want anders ben je pas woensdag weer op schema en dat is alweer halverwege de week.

Doe vooral wat bij jou past

Voor avondmensen als ik is opstaan om 6.00 of zelfs om 4.30 een crime. Verleg dan vooral je routine. Ik maak graag gebruik van mijn creativiteit tussen negen uur ‘s avonds en ????n uur ‘s nachts, dus dan ga ik na een ontspanningsritueel (ze het volgende kopje) pas om 2.00 naar bed. Mijn wekker gaat dan om 9.00 en dan zorg ik dat ik na een ontbijt om 10 uur aan de belangrijkste opdracht van de dag begin: telefoon op stil, mail uit, en typen. Om 12.30 is het tijd om wat mail te beantwoorden en om 13.00 is het tijd voor lunch. Die dan -heel gemakkelijk- al klaar staat bij ‘mijn’ Seats2Meet. Hetzelfde principe als het ritueel van Gascoigne, maar een paar uur opgeschoven. En het sporten komt op een moment van de dag dat mij beter uitkomt.–>

Het gebruiken van een ochtendroutine kan wat aanpassing vergen maar uit eigen ervaring kan ik vertellen dat ik tijdens mijn recente studie vaak vroeg opstond om zo een uur te werken voordat het gezinsleven zijn aanvang nam. Ik heb menig stuk tekst op die manier in de vroege uurtjes uitgetypt voordat iedereen aan de ontbijt tafel zat. Ook hier geldt; wat werkt voor mij, hoeft niet voor iedereen te gelden…

Data gedreven gezondheidsorganisaties gebruiken Big Data analyse met grote voordelen.

Inleiding

De globale gezondheid industrie staat onder aanzienlijk druk om kosten te reduceren en meer efficiënt om te gaan met resources terwijl ook de patiëntenzorg nog verbeterd moet worden. Daarnaast spelen groei van het aantal chronisch zieken, vergrijzing, veranderende klant verwachtingen over hoe men zorg wil inkopen en ontvangen en toenemend toegang tot sociale media en mobiele technieken die de manier waarop zorg wordt verkregen en geleverd wordt transformeert.

Betaal modellen en zorg systemen in veel landen evolueren van een fee-for-service toepassing naar een resultaat gebaseerde of verantwoordelijke zorg toepassing die leunt op toegang tot meer accurate data om resultaten te documenteren en te monitoren.

Om te bloeien, of zelfs te overleven, in deze tijden van massale veranderingen, moeten zorg instanties data-gedreven worden. Zij moeten data als een strategische aanwinst gaan behandelen en processen en systemen instellen die ze in staat stellen de juiste data te benaderen en te analyseren om beslissing processen te informeren en actie gerichte resultaten te sturen.

Historisch gezien hebben zorg instellingen geopereerd gebaseerd op onduidelijke of incomplete kosten en zorg metingen, waarbij ze niet het uitgebreide beeld van klinische of operationele processen hebben, nodig voor het identificeren van de gebieden ter verbetering. De zorg industrie is pas recent begonnen met het kijken naar data en analyse op de manier die gebruikelijk is in andere industrieen die vertrouwen op digitale informatie om services te verbeteren en kosten te reduceren.